Posts tonen met het label Natuurpracht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Natuurpracht. Alle posts tonen

vrijdag 22 mei 2015

If you can't beat it, eat it!

Kelly was blij dat ze er eens veertien dagen tussenuit was geweest, en het had blijkbaar toch alleen maar geregend hier in België, dus ze had niets gemist. Maar toch was het pretig om weer thuis te zijn, en nieuwsgierig liep ze naar haar tuin. Wat zag die er fris groen uit, en vol. 
Maar waar waren haar planten? Vreemde groene grassen verstikte de erwtjes, er waren veel meer netels dan ze twee weken geleden had laten staan voor bloedzuiverende netelsoep. En die stevige plant met grote bladeren die ze zo mooi  vond dat ze hem uit de berm had gegraven en in haar border had gezet stond nu in heel haar tuintje.
Dit kreeg ze nooit meer goed, en straks kwamen de vrienden van leef lekker Zonder pesticides (llZp). Als een waanzinnige begon Kelly te wieden.


Na een kwartiertje zakte ze hijgend door haar knieën, er was geen beginnen aan, wat zouden ze straks wel van haar denken, zo'n slordige tuinvrouw hadden ze waarschijnlijk nog nooit gezien.

Wat later stonden ze allemaal te kijken terwijl  Kelly zich verontschuldigde, en iets over invasie van onkruid mompelde.


'Onkruid bestaat niet, lieve schat,  kijk toch eens wat een meerwaarde hier op jouw stukje grond. Daar kan je toch alleen maar dankbaar voor zijn' zei Eline, 'oh, je hebt zelfs distels, weet je dat dat een waardplant is voor de baby's van de distelvlinder? Schattig toch, misschien hebben die rupsjes ook jouw zonnebloemen daar opgegeten.' Kelly piepte iets, ze had nog niet gezien dat haar mooie zonnebloemen kaalgevreten waren, en wie noemt rupsen nu baby's? Fons had een al een stukje netel afgebroken, 'heerlijk gesnipperd in de sla' riep hij verrukt. 'En die', vroeg Kelly, wijzend naar de grote stengels met mooie blaren 'wat is dat, mag dat weg?'
'Japanse duizendknoop' kirde de dames in koor, 'onverwoestbaar, kan zelfs tegen round up, haha dit is de natuur die een middelvinger maakt tegen Monsanto. ' Maar er is zo veel' kreunde Kelly. 'Lekker als spijs, zoals rabarber' zei Fons wiens mond nu vol met vogelmuur zat, want dat is zo lekker fris, en zit boordevol ijzer!
'Maar waar zijn mijn koolrabi's ' Kelly huilde nu bijna. Ze keek naar de kaalgegeten stengeltjes van wat eigenlijk mooie, lekker koolrabi's hadden moeten zijn. Ze wou precies niets meer horen en begon onkruid tussen de aardbeien uit te trekken.
'Aaaaaaaah, niet doen, kortzichtig mens' van schrik gooide Kelly de uitgetrokken plantjes op de grond. Barbara bukte zich en raapte ze liefdevol op. 'zeweetnietwatzedoetschattie' fluisterde ze tegen de plantjes. Dat is wel zevenblad, en dit zuring, en daar ligt nog wat hondsdraf.' Terwijl Barbara een beetje grond los woelde om de planten terug uit te planten, raapte Fons ook een deel van de plantjes op. 'Heerlijk in salade, in kleine stukjes!' 'Jammer dat al die broccoliplantjes in de weg staan, je zou veel meer wild voedsel kunnen oogsten, met een beetje geluk krijg je rupsen van het grote koolwitje, een mooie vlinder, en meer plaats voor herderstasje en hagewinde. '


Kelly droop af.  Zou netelgier ook tegen bemoeizieke onkruidlovers helpen?

donderdag 26 maart 2015

Kabouters



Bij nacht en ontij sloop hij het huis uit, en liep naar het bos.
‘Paddenstoelen zoeken, paddenstoelen zoeken’
Hij plukte tot zijn mandje vol was en sloop terug naar huis.

Voldaan kroop hij naast zijn vrouw die vredig lag te slapen.

Of hij danste rond de oude eik, of poetste een lantaarntje op.

In zijn kleerkast lagen, veilig verstopt tussen zijn truien, een rode puntmuts en groene pantoffeltjes. Hij kende het werk van Rien Poortvliet vanbuiten.

Maar hoe moest het nu verder?

Hij snifte luid, de psychiater reikte hem de doos met zakdoekjes aan.
‘Ik ben credit risk controller in een gewaardeerde firma, maar eigenlijk diep vanbinnen voel ik mij een kabouter.’

De psychiater kuchte, schraapte zijn keel en zei toen zakelijk, en zonder zweem van spot:
‘Beter zo dan andersom.’


zaterdag 27 april 2013

Lente



Jos keek naar zijn aardappelveld. Daar lagen ze, knolsgewijs in de aarde, te wachten tot ze zouden gaan groeien, schoon aangeaard, geen coloradokever te bespeuren.

Jos zuchtte, en leunde tevreden op zijn riek. Grote dichters hadden den aardappel bezongen, Ter Balkt, Cami en hier, op zijn veld, in zijnen hof groeiden ze.
Jos werd weemoedig en pinkte een traan weg, de natuur was toch schoon. Hoe zouden ze het hebben, daar onder de grond, terug van waar ze gekomen waren, rebirthing als het waren. Jos grinnikte, eigenlijk was hij best grappig, somtijds. En poëtisch.
Zijn gedachten dwaalden weer naar de petatten, de petatten, de petatten in zijne grond.

En toen gebeurde het. Ineens besefte hij iets vreselijk, ze lagen te stikken!

Hij had ze levend begraven, bedolven onder zand. Hij hoorde ze roepen, snakken naar lucht, hij hoorde ze huilen, en zachtjes naar adem happen, maar er was geen adem, ze zouden omkomen. En hij, hij was het monster dat dit op zijn geweten had. Een kind duw je toch ook niet terug in de moederschoot? Wat had hij gedaan?

Het angstzweet brak hem uit, hij keek achterom, kwam de politie al, snel hij moest iets doen.
En als een gek begon hij te graven, met zijn blote handen haalde hij de aardappels terug boven, hij suste, en huilde, en smeekte om vergeving.
De aardappels zwegen echter in alle talen.

Verslagen zat boer Jos tussen zijn uitgegraven petatten, petatten, de uitgegraven petatten op zijne grond.

zaterdag 20 april 2013

Examen



‘Ga zitten juffrouw. U hebt uw vraagjes voorbereid?’
Het meisje knikte angstig.
Professor De Bondt was gekend en berucht.
‘Goed, vertelt u mij dan maar eens iets over het 20e-eeuwse Europese theater.’
‘Euhm, dit theater kenmerkt zich door een aantal vernieuwingsgolven, denken we aan de psychologische authenticiteit bij Stanislavsky, en de bewustwording van de maatschappelijke realiteit bij Artaud.’
‘Bij Artaud?’ onderbrak haar docent, terwijl hij zijn jasje uittrok.
‘Bij Brecht, bij Brecht bedoel ik’, zei het meisje snel.
‘En Brecht zijn voornaam was?
‘Bertolt?’
‘Ja, Bertolt, en hoe schrijven we dat?’
‘B-H’
Hij deed zijn overhemd los en uit.
‘Ik bedoel B-E-R-T-E ‘
Zijn broek ging vlot naar beneden, schoenen had hij blijkbaar niet aan.
‘O, na de T volgt een O’
‘Ja, en verder?’
‘ L en D’
‘Het meisje keek naar haar examinator, die ondertussen in zijn onderbroek stond. Haar blik leek op die van een konijn die naar de jager kijkt.
‘Jammer, een T, Bertolt eindigt op een T’ grijnsde hij gemeen en schoof tergend traag zijn grijze boxershort naar beneden. ‘Details zijn belangrijk, meisje’
‘U kan gaan’
De naakte prof zwaaide vrolijk, en riep haar nog na :’laat u de volgende binnen?’

maandag 13 juni 2011

Coniferen

Onrustig dacht Enisa aan haar sterfelijkheid. Normaal had ze daar niet zoveel last van, maar nu de IJsheiligen echt wel voorbij waren,  voelde ze de onrust opkomen.
De zomer stond aan de voordeur, klaar om vrolijk en zonnig zijn (haar?) entree te maken. Maar was zijzelf ook niet in de zomer van haar leven? De tijd van rijpe vruchten? Maar onherroepelijk de voorbode van de Herfst en de Winter?
Ze slikte.
Het vallen van de bladeren, haaruitval, verdorren en vereenzamen, en dan een stemmig heengaan. In het beste geval, of aftakelen, lijden, krimpen en wegkwijnen.
Bang keek ze naar haar man, zou hij wel van een dorre tak blijven houden? Anderzijds was hij ook wel kalend en dikbuikig, misschien was het voor hem al lang herfst, geen zomerse fruitigheid te bespeuren.
Enisa nam een besluit, ze kuste haar man, stapte in haar auto en ging op zoek naar een conifeer. Winter en zomer groen, immer jong. Ze glimlachte.
Vrolijk claxonerend draaide ze de grote baan op.
En reed onder een vrachtwagen.

maandag 16 mei 2011

Daar is de lente

Langzaam ontvouwde de bloem zich.
In de winter had ze knolgewijs onder aarde en modder en sneeuw en ijs gezeten, bibberend en verlangend naar het grote kiemen. Langzaam was ze boven de aarde gekomen, eerst aarzelend een beetje lichtgroen, maar dra krachtig met blaadjes en knop en bloem en al.
En nu dus ontvouwen, sierlijk, elegant.
Eigenlijk zou er wel vioolmuziek bij passen, een strijkje, of misschien een vrolijk trompetje.
Wat volgde was een grote duisternis en malende tanden.

Ook voor koeien is de eerste lentedag een waar feest.